PublicatiesMaatschappelijk leiderschap

Nieuwe machten, weinig feiten – Column voor Governance Update

De personentoets van bestuurder en toezichthouder

Steven de Waal gaat in deze column voor Governance Update in op het ontslag van Jan van Walsem, voorzitter van het pensioenfonds Schilders. Hij spreekt van een iconische gang van zaken, intransparantie en geheimzinnigheid.

‘De scherpte van de ingreep … en het acute karakter … maken het tot een toonzettende casus.’

‘Ik was niet gedienstig genoeg voor DNB’

Op 2 juli gaf Jan van Walsem, voorzitter van het pensioenfonds Schilders, een opmerkelijk interview aan Het Financiële Dagblad. Onder de kop ‘Ik was niet gedienstig genoeg voor DNB’, onthulde hij dat hij was weggestuurd door DNB. Hij schetst een bruuske ingreep waarbij hij vrijwel per direct weg moest en zijn termijn niet mocht afmaken. Objectieve argumenten lijken te ontbreken. Gebrek aan deskundigheid (hij was twaalf jaar voorzitter) of slechte prestaties van het fonds (het pensioenfonds Schilders heeft nooit de pensioenen hoeven verlagen) waren immers niet aan de orde.

Toonzettende casus

De scherpte van de ingreep (een soort ontslag) en het acute karakter (vrijwel per direct) maken het tot een toonzettende casus. De relevantie hiervan is des te groter, omdat de politiek werkt aan de invoering van eenzelfde type selectie van personen als toezichtinstrument in andere semi-publieke sectoren, zoals wonen, onderwijs en gezondheidszorg. Zo is de ‘fit and proper’-test al opgenomen in de recente novelle rond de Herzieningswet Wonen van minister Blok. Daaraan ligt de – terechte – conclusie uit veel schandalen in dergelijke sectoren ten grondslag dat personen in de top met hun waarden, karakter en leiderschap er zeer toe doen.

Aandacht voor systemen, kenmerk van nationale cultuur

Nederland schaaft daarmee wat af van een te groot vertrouwen in governance die is gebaseerd op algemene regels, zoals codes, statuten, topstructuren en wetten. Dat is overigens nog een lange weg. Aandacht voor systemen lijkt immers ook een kenmerk van nationale cultuur, getuige het commentaar op het nationaal elftal tijdens het WK Voetbal. Inmiddels is dat commentaar verstomd, omdat Van Gaal overduidelijk, buiten de systemen om, voortdurend sterk selecteert en daarmee stimuleert dat elke persoon in het elftal tot zijn recht komt. Personen eerst, systemen later. Maar dat vereist wel een vaste, wijze, ervaren en contextgevoelige hand van selecteren. De coach op bank, oefenveld en kantine is niet goed te vervangen door een overheidsorganisatie.

‘Personen eerst, systemen later … vereist wel een vaste, wijze, ervaren en contextgevoelige hand van selecteren’

Iconische gang van zaken

De kern van het publieke en politieke debat is niet langer òf bestuurders en toezichthouders getoetst moeten worden op karakter en competenties, maar vooral hoe en door wie. In dat licht moeten we goed stilstaan bij de iconische gang van zaken rondom Van Walsem. Ik zie vele fundamentele kwesties opdoemen.

Geheimzinnigheid

Wat allereerst opvalt is de enorme intransparantie, zo niet geheimzinnigheid. We hebben nu de – gekleurde – informatie van een van de partijen, maar niet van de andere partij, de toezichthouder zelf. Als ingrepen zo scherp, acuut, ingrijpend in het bestuur en persoonsgericht worden, vormen heldere procedures, zorgvuldige criteria en openlijke verantwoording een eerste vereiste. De neiging, hoe begrijpelijk ook, lijkt hier echter het omgekeerde.

“Is de RvC niet veel meer de coach op de bank?”

Public Hazard

Ten tweede doemt het probleem op van wat ik noem public hazard, dit in tegenstelling tot moral hazard. In het laatste geval nemen private partijen niet hun eigen, morele, verantwoordelijkheid en teveel risico, omdat ze ervan uitgaan dat de overheid of het collectief hen wel redt bij ongelukken als gevolg van dat risico. In het eerste geval neemt de overheid vooraf al zoveel verantwoordelijkheid voor de gang van zaken dat private partijen hun verantwoordelijkheid niet kunnen nemen en de overheid altijd medeverantwoordelijk zal zijn bij falen en incidenten. De publieke redding is van tevoren ingebakken, de private eindverantwoordelijkheid is een façade, maar formeel doet iedereen natuurlijk alsof dat niet zo is. Al met al lijken daarmee nu zowel verantwoording als verantwoordelijkheid (voor de effecten van de interventie) zwak ontwikkeld.

Wetenschappelijke en feitelijke onderbouwing

Het derde probleem is dat van de wetenschappelijke en feitelijke onderbouwing van dit soort scherpe oordelen. Kan een toezichthouder wel in redelijke, inhoudelijke termen tot zo’n oordeel komen, op zoveel afstand en met zo weinig wetenschappelijke evidence? Is de RvC niet veel meer de coach op de bank?

Personentoets

Vragen te over, nog weinig antwoorden. Voordat sectoren als zorg, onderwijs en wonen onder dit soort regimes worden gebracht, moet er meer duidelijkheid komen. Een belangrijke les lijkt te zijn, dat de combinatie van de regelstellende rol en de personentoetsrol mogelijk gevaarlijk is. De toezichthouder dwingt zijn eigen ideeën en voorschriften af via de personenselectie. Moeten we niet denken aan een apart orgaan, ook los van DNB, waarin de personentoets wordt ontwikkeld, uitgevoerd en verantwoord? Dat biedt dan ook de kans dit in meer publiek/private samenwerking op te zetten. Dankzij de casus van Van Walsem kunnen we tijdig dit publieke debat aangaan.

Deze column verscheen oorspronkelijk in de Governance Update van het Nationaal Register, juli 2014.

Noot van de redactie: ten behoeve van de leesbaarheid zijn tussenkopjes en citaten toegevoegd.

 

 

Tags

Related Articles

Back to top button
Close